Nieuws

Je werk hangt in een galerie, maar wat heb je eigenlijk afgesproken?

Door Redactie3 min leestijd

Wie kunst verkoopt via een galerie doet er verstandig aan de afspraken op papier te zetten en de eigen kunstenaarsnaam te beschermen. Dat klinkt formeel, maar het voorkomt precies de conflicten die in de kunsthandel het vaakst spelen. Ook in Castricum en omgeving zijn genoeg makers actief die exposeren bij galeries of verkopen tijdens kunstroutes. Voor hen gelden dezelfde regels als voor de grote namen op de Amsterdamse kunstmarkt.

Mondelinge afspraken werken totdat het misgaat

De meeste samenwerkingen tussen kunstenaar en galerie beginnen met een handdruk. Dat gaat goed zolang alles goed gaat. Problemen ontstaan zodra een werk beschadigd raakt tijdens een expositie, of wanneer de galerie in geldnood raakt, terwijl jouw werk daar nog hangt. Bij consignatie (de galerie verkoopt jouw werk, maar koopt het niet zelf in) blijft het werk jouw eigendom tot het verkocht is. Zonder schriftelijke overeenkomst moet je dat eigendom bij een faillissement wel kunnen aantonen tegenover de curator die het faillissement afwikkelt. Lukt dat niet, dan geldt jouw werk mogelijk als bezit van de failliete galerie en ben je het kwijt.

Leg daarom in elk geval vast:

  • welk commissiepercentage de galerie rekent;
  • wie het werk verzekert tijdens transport en expositie;
  • binnen welke termijn je na een verkoop wordt uitbetaald.

Zulke afspraken horen bij het kunstrecht, het rechtsgebied rond het maken en verhandelen van kunst. Een kunstrecht advocaat kan zo’n consignatieovereenkomst opstellen of beoordelen voordat je tekent. Dat kost doorgaans een stuk minder dan een procedure achteraf.

Het volgrecht wordt vaak vergeten

Verkoopt een verzamelaar jouw werk later door via een veilinghuis of kunsthandel, dan heb je op grond van de Auteurswet recht op een percentage van die verkoopprijs. Dit volgrecht geldt in Nederland bij doorverkoop via de professionele kunsthandel vanaf € 3.000,-. Veel kunstenaars weten dat niet en claimen het dus ook niet. Zonde, want het geld ligt er gewoon. Je kunt het volgrecht zelf innen bij de verkopende partij, of dat laten doen door Pictoright, de organisatie die deze vergoedingen collectief incasseert voor aangesloten makers.

Je kunstenaarsnaam is meer waard dan je denkt

Een naam waaronder je exposeert en verkoopt, bouwt waarde op. Duikt er een ander bedrijf of een andere maker op onder een naam die verwarrend veel op de jouwe lijkt, dan sta je zonder merkregistratie zwak. Een handelsnaam ontstaat vanzelf door gebruik, maar biedt beperktere bescherming dan een geregistreerd merk. Een Benelux-registratie bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BOIP) geldt tien jaar en is daarna te verlengen. Dat geldt net zo goed voor een galerie of kunsthandel als voor een individuele maker.

Voordat je registreert, is het verstandig te laten onderzoeken of de naam nog vrij is. Een kantoor als Liaise Advocaten, dat zich onder meer met merkenrecht in de creatieve sector bezighoudt, kan zo’n beschikbaarheidsonderzoek doen en de aanvraag begeleiden. Een geweigerde of aangevochten registratie kost je anders alsnog tijd en geld.

Wat recht halen in de praktijk kost

Recht hebben en recht halen zijn twee verschillende dingen. Een sommatiebrief, een formele brief waarin je de wederpartij vraagt alsnog na te komen, lost veel geschillen op zonder rechter. De wederpartij ziet dan dat je het serieus meent en juridisch sterk staat. Komt het toch tot een procedure, dan praat je al snel over maanden doorlooptijd en duizenden euro’s aan kosten, ook als je wint. Niet elke zaak is dat waard.

Daarom loont het om vooraf scherp te krijgen wat een conflict je kan opleveren tegenover wat het kost. Bij een werk van een paar honderd euro weegt een procedure zelden op tegen de uitkomst. Bij een stukgelopen galeriesamenwerking met tienduizenden euro’s aan onverkochte werken ligt dat anders. Een goed contract aan de voorkant is doorgaans de goedkoopste oplossing. Wie nu exposeert of een samenwerking met een galerie aangaat, kan dat het beste meteen regelen, niet pas als het eerste werk zoekraakt.